Handleiding

Handleiding

Algemene informatie over het project

Het werken vanuit de motivatie van leerlingen staat centraal tijdens het werken met de projecten. Om deze motivatie te vergroten hebben de leerlingen een doel nodig; een publiek. Bepaal met de leerlingen wie het publiek voor dit project gaat zijn er wie ze dus iets gaan leren. Dit blijft de rode draad tijdens het project. Bij publiek kun je denken aan: ouders/ leerlingen van een hogere of lagere groep / mensen uit de wijk/ leerlingen van een andere school / een bepaald bedrijf. Dit onderdeel is heel belangrijk en zal er voor zorgen dat het project valt of staat.

Ga op zoek naar een professional, iemand die meer weet over het onderwerp. Dit kan een ouder, collega of iemand uit het werkveld zijn. Leerlingen voelen zich hierdoor serieus genomen en ook hier zal hun motivatie van groeien. Er zijn vrijwel altijd wel ouders (uit andere groepen) die heel graag wat komen vertellen.

We proberen waar mogelijk elk onderdeel te beginnen met het ophalen van de voorkennis, vanuit een werkvorm of activiteit. Dit kan gebruikt worden om de voorgang van de leerlingen bij te houden. Het laat zien wat ze nog weten van het vorige onderdeel.

De rubriek geeft een visueel overzicht voor leerling en leerkracht. De leerlingen bepalen wat ze al weten voordat we aan het project beginnen en herhalen dit aan het eind van het project. Hierdoor zien ze wat ze geleerd hebben en waar ze nog in kunnen groeien.

Projectbord

Je brengt het project tot leven door het projectbord te gebruiken. Het materiaal hiervoor kunnen jullie in de online handleiding vinden. Hebben jullie een projectmuur op school? Hang hier dan tijdens het project verschillende materialen op om de leerlingen in het zonnetje te zetten en ze te motiveren. Jullie kunnen hier eventueel ook de wist-je-datjes ophangen.

Op de website staat een aparte pagina voor het projectbord, hier kun je extra materiaal vinden. Bij sommige projecten kunnen de leerlingen voor een groot deel de leiding overnemen, als jullie hier voor kiezen kunnen jullie op deze pagina ook extra informatie vinden over de verschillende rollen (projectleider, projectbordmanager, etc)

Extra materiaal

Schooltv
Hoe houden dieren zichzelf op klimaat: link
Waarom is een leeuw geen huisdier?: link
Hoe maakt een leeuw zichzelf schoon?: link
Zuid-Europa, klimaten: link
Klokhuis
Oceanen, Biodiversiteit: link
Freeks wilde wereld, Oerwoud: link (In het oerwoud van Suriname wordt Freek twee keer verrast. Eerst door een wurgslang en later door een tapir. Freek legt uit hoe fantastisch tapirs zijn aangepast aan de jungle.)
Freeks wilde wereld, Harde pantsers en scherpe tanden: link (Freek vindt een relaxte schildpad, verborgen in de Surinaamse jungle. In de rivier vangt hij een vis met een bloedstollende reputatie. Freek legt uit waarom dat imago ietwat overdreven is.)
Hoe ademen vissen?: link (Net als mensen hebben vissen zuurstof nodig om te leven. Maar ze halen geen adem door hun mond, zoals wij. Daar hebben ze kieuwen voor.)
Het tropisch regenwoud: link (Het schip de Stad Amsterdam heeft acht maanden lang een bijzondere reis gemaakt. Dit was dezelfde reis als Charles Darwin lang geleden maakte met zijn schip de Beagle. Wetenschappers aan boord van het schip gaan op zoek naar het tropisch regenwoud.)

LessonUp:
Klimaten: link
Klimaten #2: link

Website
Gratis gastles vanuit het WWF over dieren: website
Extra lessen over dieren vanuit de website dierenbescherming: website

Sleutelen aan dieren: dit is een les voor het VO, maar het gaat over de aanpassingen van dieren.

Topografie:
Topomania: link

Fase 1 & 2: de leerkracht zorgt voor de benodigde achtergrondinformatie en geeft les(sen)/workshop(s) over het onderwerp.

Fase 3 - 6: de leerkracht neemt een duidelijke coachende rol op zich en begeleidt de leerlingen.

Opdrachten tijdens de introductie:

De leerlingen leren meer over de verschillende diersoorten. Ze gaan een eigen dier ontwerpen en bepalen tijdens dit project hoe dit dier niet uitsterft, wat het eet, waar het woont, etc. Op deze manier zullen de leerlingen de kennis die ze opdoen gelijk moeten toepassen op hun eigen ontworpen dier.

Eindproduct: De leerlingen schrijven een informatieboekje over hun ontworpen dier. Denk hierbij aan de junior informatieboekjes van Docukit. De leerlingen werken individueel of in teams van 2.

Opdrachten tijdens de introductie:
– voorkennis ophalen
– meer leren over de verschillende diersoorten (begrijpend lezen)
– wat gaat het eindproduct worden
– wat voor een soort dier ga ik ontwerpen
– noodzakelijke vraag (wat wil ik zelf nog graag weten)
– rubriek invullen

Klassikaal:
– projectbord maken in de klas zodat er een overzicht is van het project

Materialen

Algemeen:
– laptop/tablet
– bronnenboek leerlingen

Projectbord & A3-materiaal:
– introductie

Kopieerbladen:
– introductie

Opdrachten tijdens deelvraag 1:

Bij deelvraag 1 geef je als leerkracht meer informatie over de leefomgeving en klimaten. Daarnaast gaan de leerlingen aan de slag met topografie en leren ze landen/gebieden vanuit de SLO-doelen.

Taal/spelling: de leerlingen moeten meerdere teksten schrijven bij dit project. Dit valt onder het vak taal/stellen/spelling, bekijk of je lessen van deze vakken kan koppelen aan deze schrijfopdrachten. Verwerk bijvoorbeeld een spellings- of taaldoel woordoor je ze tijdens de tijd van dit vakgebied ruimte kan geven om hier aan te werken. Leerlingen kunnen het ook erg waarderen als ze niet in het (werk)boek hoeven te werken en deze lessen in hun ogen komen te ‘vervalen’ i.p.v. vervangen. Voorbeelden van te gebruiken doelen:
werkwoorden t.t. of v.t.
hoofdletter en punt
samengestelde woorden
hoofdzin en bijzin
eind-d
beeldspraak
voltooid deelwoord
gebiedende wijs
Controleer het aangeboden doel in de tekst.

Opdrachten tijdens deelvraag 1:
– retrieval practice*: informatie van de introductie herhalen
– aanbieden woordenschat, maak hierbij eventueel ook een koppeling naar de woorden die bij de labels horen (aangeboden gekregen bij de introductie)
– onderzoek doen naar de leefomgevingen van dieren
– meer te weten komen over klimaten
– 2 teksten schrijven voor het informatieboekje
– feedback geven op elkaars werk vanuit de Gallery Walk
– opdracht voor de snelle leerling of de leerling die meer uitdaging kan gebruiken (deze opdracht is extra en dus niet zo zeer voor de hele groep)
– bronnen toevoegen aan bronnenlijst
– nieuwe aanpassingen maken aan de tekening van het dier en hier labels aan toevoegen

* Retrieval practice is “actief ophalen” of “actief terugroepen” van informatie uit het langetermijngeheugen. Het houdt in dat je actief probeert te herinneren wat je hebt geleerd, in plaats van alleen passief te herhalen of te lezen.

Projectbord:
– Projectbord aanvullen met de woordenschat, deze woordenschat kan ingezet worden op meerder momenten in de week.

Materialen:

Algemeen:
– laptop/tablet
– bronnenboek leerlingen

Projectbord & A3-materiaal:
– deelvraag 1

Kopieerbladen:
– deelvraag 1

Opdrachten tijdens deelvraag 2:

Bij deelvraag 2 geef je als leerkracht meer informatie over de voorplanting en het eten van de dieren (voedselketen).

Taal/spelling: de leerlingen moeten weer meerdere teksten schrijven. Dit valt onder het vak taal/stellen/spelling, bekijk of je lessen van deze vakken weer kan koppelen aan deze schrijfopdrachten. Verwerk bijvoorbeeld een spellings- of taaldoel woordoor je ze tijdens de tijd van dit vakgebied ruimte kan geven om hier aan te werken. Leerlingen kunnen het ook erg waarderen als ze niet in het (werk)boek hoeven te werken en deze lessen in hun ogen komen te ‘vervalen’ i.p.v. vervangen. Voorbeelden van te gebruiken doelen:
werkwoorden t.t. of v.t.
hoofdletter en punt
samengestelde woorden
hoofdzin en bijzin
eind-d
beeldspraak
voltooid deelwoord
gebiedende wijs
Controleer het aangeboden doel in de tekst.

Opdrachten tijdens deelvraag 2:
– retrieval practice: informatie van deelvraag 1 actief herhalen
– wat de dieren eten
– hoe het dier zich voortplant
– hoe het dier zich beschermt
– bronnen toevoegen/aanvullen
– feedback geven op elkaars werk vanuit de Gallery Walk
– teksten aanpassen (bekijk de informatie hierboven over hoe je dit kan combineren met taal en/of spelling)
– de leefomgeving van het dier en het dier met labels tekenen opgedane informatie verwerken en toepassen
– extra opdracht voor de snelle leerling of de leerling die meer uitdaging kan gebruiken

* Retrieval practice is “actief ophalen” of “actief terugroepen” van informatie uit het langetermijngeheugen. Het houdt in dat je actief probeert te herinneren wat je hebt geleerd, in plaats van alleen passief te herhalen of te lezen.

Projectbord:
– Projectbord aanvullen met eventueel kopie van teksten van leerlingen om ze te motiveren en in het zonnetje te zetten.

Materialen:

Algemeen:
– laptop/tablet
– bronnenboek leerlingen

Opdrachten tijdens deelvraag 3:

Bij deelvraag 3 zal het eerste controlepunt plaatsvinden: de woordspin of sketchnote. Dit zou eventueel als beoordeling gebruikt kunnen worden.
Verder zullen de leerlingen bij deze deelvraag het informatieboekje afronden zodat het afgedrukt kan worden.
Ze maken de voorkant en achterkant van het boekje tijdens deze deelvraag, er zou voor gekozen kunnen worden om dit te combineren met de handvaardigheidsles zodat er meer tijd vrij komt voor dit onderdeel.

Opdrachten tijdens deelvraag 3:
– retrieval practice: informatie van alle verkregen informatie tot nu toe actief herhalen vanuit een sketchnote of woordspin. (Zie link voor hulpmiddelen sketchnote, gebruik Google afbeeldingen voor voorbeelden van sketchnotes.
– het boekje afronden en de inhoudsopgave toevoegen (+ eventueel paginanummers)
– een een conclusie en korte samenvatting schrijven voor de achterkant van het boekje.
– de voorkant en achterkant van het boekje maken.
– het publiek uitnodigen

Projectbord:
– Projectbord aanvullen met eventueel kopie van teksten van leerlingen om ze te motiveren en in het zonnetje te zetten.

Materialen:

Algemeen:
– laptop/tablet
– bronnenboek leerlingen

Kopieerbladen:
– deelvraag 3

Opdrachten tijdens eindproduct:

Bij het eindproduct laten de leerlingen zien wat ze geleerd hebben d.m.v. een presentatie en het invullen van de rubriek. Er is ook een optie om de leerlingen een informatie tekst over hun dier te laten schrijven vanuit de onderdelen van de rubriek, dit is echter optioneel.

Opdrachten tijdens het eindproduct
– reflecteren op hun werkhouding
– voorbereiden op het presenteren van hun boekje vanuit de rubriek van presenteren. (hulpkaartjes gebruiken)
– rubriek invullen door leerlingen en leerkracht. Er kan voor gekozen worden de rubrieken van de leerlingen te verzamelen en deze als leerkracht ook in te vullen.
De rubriek bestaat uit 9 onderdelen; er kan voor gekozen worden elk onderdeel 1.1 punt te geven en zo tot een eindscore te komen. Hierbij moet wel 0,1 toegevoegd worden aangezien ze anders nooit een 10 kunnen halen.
– evalueren op het project (leerlingen en leerkracht)

Projectbord:
– Projectbord aanvullen met rubriek van presenteren. Eventueel 1 klassikaal doel benoemen.

Materialen:

Algemeen:
– laptop/tablet
– bronnenboek leerlingen
– hulpkaartjes voor presentatie

Kopieerbladen:
– eindproduct → deze opdracht is optioneel